Voorwaarden bij- en nascholing

Het volgen van bij- en nascholing draagt bij aan het verhogen van de kwaliteit van de beroepsuitoefening. U kunt punten behalen met bij- en nascholing. Hieronder ziet u hoeveel punten u minimaal moet halen per registratieperiode en welke maxima er gelden.

Punten

Bij scholingsactiviteiten wordt gebruik gemaakt van studiebelastingsuren. Elk studiebelastingsuur (SBU) staat gelijk aan één punt. Hierbij wordt meegeteld de tijd die u besteedt aan

  • studieactiviteiten of onderwijsdeelname
  • zelfstudie, als onderdeel van een scholingsactiviteit aangeboden door een scholingsaanbieder. De zelfstudie is onderbouwd door de scholingsaanbieder met een beschrijving van de opdrachten.
  • toetsen/examens
  • scripties en werkstukken
  • stages

Niet meegeteld worden pauzes (koffie, thee, lunch, diner) en reistijd.

Leertherapie wordt gezien als bij- en nascholing. Voor leertherapie geldt dat elk (studie)belastingsuur gelijk staat aan twee punten. Zie ook de nadere regels omtrent leertherapie.

Per afzonderlijke bij- en nascholing kunt u maximaal 75 punten behalen. Dit betekent dat aan een geaccrediteerde bij- of nascholingsactiviteit die meer dan 75 uur studiebelasting vergt toch niet meer dan 75 punten worden toegekend.

Voor e-learning geldt dat er maximaal 50 punten kunnen worden opgevoerd per registratieperiode. Om voor accreditatie in aanmerking te komen, moet de e-learningactiviteit minimaal 2 uur bevatten. Als er zelfstudie aan de e-learning is verbonden dan moet de aanbieder dit op de site hebben vermeld. Als bewijs van afronding van de e-learning geldt dat er een certificaat als bewijs moet kunnen overlegd. Deze kunt u in uw dossier bewaren.
 

De scholing zelf

Het gaat bij bij- en nascholing om beroepsspecifieke scholingsactiviteiten en beroepsgerelateerde scholingsactiviteiten. Zowel beroepsspecifieke als beroepsgerelateerde scholingsactiviteiten zijn mogelijk in verschillende vormen (denk aan een (master)opleiding, (internationaal) congres, symposium, klinische les, refereeravond, cursus, training, studiedag, e-learning).
 

Beroepsspecifieke scholingsactiviteiten

De scholing is gericht op de patiënt-/cliëntgebonden beroepsuitoefening en voldoet aan onderstaande criteria:

  • De inhoud van de scholing sluit aan bij de beroeps- en functieuitoefening
  • De scholing is afgeleid van het beroepscompetentieprofiel
  • De scholing heeft een meerwaarde voor de beroepsbeoefenaar ten aanzien van kennis, vaardigheden en attitude
  • De scholing sluit aan bij recente ontwikkelingen in het vakgebied en de gezondheidszorg
  • De scholing sluit aan bij de door de beroepsvereniging erkende richtlijnen

Voorbeelden van beroepsspecifieke scholingsactiviteiten zijn:

  • Studiedagen van de FVB, de beroepsverenigingen en de werkveldgroepen
  • Muziektherapie en angermanagement
  • Cursus schematherapie voor vaktherapeuten
  • Festival forensische zorg
  • Cursus cognitieve therapie en PMT
     
Beroepsgerelateerde scholingsactiviteiten

Beroepsgerelateerde scholingsactiviteiten zijn alle andere bij- en nascholingsactiviteiten waarbij een link gelegd kan worden naar het beroepscompetentieprofiel. Voorbeelden van beroepsgerelateerde scholingsactiviteiten zijn een training strategisch profileren voor vaktherapeuten of een cursus medische en/of psychosociale basiskennis.

Geen punten worden toegekend aan algemene scholing zonder link naar het eigen beroepscompetentieprofiel. Voorbeelden zijn algemene computercursussen zoals Word, Excel, Access, Outlook, Powerpoint of een cursus Bedrijfshulpverlening.
 

Accreditatie aanvragen

U hoeft als vaktherapeut geen accreditatie aan te vragen voor bij- en nascholing. Aanbieders kunnen kiezen of zij hiervoor accreditatie aanvragen. Alleen bij- en nascholing waarvoor door de aanbieder accreditatie is aangevraagd kunt u laten meetellen voor de verplichte punten vooraf geaccrediteerde scholing.